Hoe is het om vrijwilliger te zijn bij Vulpia?

Op haar 63ste had ze een ongeluk dat een einde maakte aan haar loopbaan bij Vulpia. Wat Marie-José daarna deed, verrast misschien: ze keerde terug. Niet als werkneemster, maar als vrijwilliger bij ’t Neerhof. Nu is ze 76 en heeft ze geen plannen om te stoppen.

22/05/2026
Vrijwilliger bij Neerhof
Marie-José is vrijwilligster bij 't Neerhof

Het begon eigenlijk bijna per toeval. Via een hobbyclub in Zottegem hoorde ze dat er een paar uurtjes hulp gezocht werd in het woonzorgcentrum. Ze zei ja. Dat was in 2003. Meer dan twintig jaar later zit ze er nog altijd en ze heeft er nooit spijt van gehad.

Ze omschrijft zichzelf als flexibel, bereidwillig en vrolijk. Drie woorden die in de loop van een gesprek steeds opnieuw terugkomen, niet als zelfpromotie, maar als eerlijke beschrijving van hoe ze haar dagen invult. Ze is een natuurmens, houdt van wandelen en knutselen, en gaat soms kijken naar het orkest waarin haar zoon speelt. Vroeger werkte ze veel in de tuin. Nu iets minder. Ze wordt ouder, zegt ze, zonder dramatiek.

"Een glimlach van iemand betekent echt veel voor mij."

Een dag beginnen met goeiedag

Een typische vrijwilligersdag start altijd op dezelfde manier: ze zegt iedereen goeiedag. Daarna overleg met het ergoteam, alles klaarzetten, bewoners ophalen en vragen of ze willen deelnemen aan de activiteit. Soms is er een knutselmoment. Soms gewoon een gesprek.

Ze werkt al jaren samen met het ergoteam en helpt mee bij grote activiteiten: een barbecue, een bakdag, taartjes maken, uitstappen. Momenteel zijn ze bezig met bloemetjes maken. Eerder maakten ze voelkussens, teddyberen, popjes. Kleine dingen die grote vreugde geven — zowel aan de bewoners als aan haarzelf.

Na de activiteit koffie, alles opruimen, bewoners terugbrengen. En dan al nadenken over de volgende keer.

"Ik probeer sfeer en warmte te brengen. Soms kan een klein grapje ervoor zorgen dat iemand even zijn zorgen vergeet."

Niet als kinderen behandelen

Ze is duidelijk over wat ze belangrijk vindt: ouderen zijn volwaardige mensen. Geen kinderen. Ze leren nog altijd bij. En wanneer ze blij zijn dat ze iets hebben kunnen maken of doen, geeft dat ook háár voldoening. Het is geen eenrichtingsverkeer.

De band die ze opbouwt met de bewoners gaat diep. Zo diep dat het haar ook raakt wanneer iemand overlijdt. Ze zegt het rustig, zonder omhaal. Dit is haar tweede thuis. De mensen hier kennen haar, kijken naar haar uit. Op haar verjaardag krijgt ze waardering van bewoners én collega's. Dat doet deugd, zegt ze.

Wat ze de buitenwereld wil meegeven

Ze zou het mooi vinden als meer mensen de stap zetten. Niet zomaar, benadrukt ze — je moet het graag doen, met hart en ziel. Maar wie het doet, leert iets wat je nergens anders leert: hoe het is om ouder te worden. En hoeveel warmte je kunt geven én ontvangen.

Haar moeder had er een uitdrukking voor, die ze nog altijd meedraagt: een glimlach doet veel. Geef er een, en je krijgt er een terug. In een woonzorgcentrum, zo blijkt, is dat geen cliché. Het is de dagelijkse werkelijkheid.

Zorg ook voor een glimlach

Word vrijwilliger bij Vulpia